IndexIndex  KalenderKalender  FAQFAQ  ZoekenZoeken  GebruikerslijstGebruikerslijst  GebruikersgroepenGebruikersgroepen  RegistrerenRegistreren  InloggenInloggen  

Deel | 
 

 Anadria's One-shots

Go down 
AuteurBericht
Anadria
Ravenklauw, lerares Waarzeggerij
avatar

Aantal berichten : 67
Registratiedatum : 22-01-09
Leeftijd : 27
Woonplaats : Count Dracula's Castle

BerichtOnderwerp: Anadria''s One-shots   do mei 21, 2009 12:56 am

Hier ga ik al m'n one-shots posten.

Vampier

Eindelijk was de avond gevallen, waardoor ik na uren van verveling weer buiten kon komen. Zonsondergang was voor mij de mooiste moment van de dag, alleen spijtig dat ik hem nooit kon zien. Hoe heerlijk moest het zijn om bij zonsondergang buiten te kunnen zitten, kijkend naar de rood-paars gekleurde hemel, tenminste, zo werd het beschreven in de vele boeken die ik al gelezen had.
Ik wachtte nog even, om zeker te zijn dat de zon helemaal verdwenen was en kwam toen recht, uit de zetel die in de kelder stond van het verlaten huis waar ik mezelf al maanden verschool. Niet voor de mensen, maar voor het zonlicht, dat, als het mijn lijkbleke huid zo beschijnen, mijn dood zou betekenen.
Ondanks dat het pikdonker was in de kelder, kon ik met gemak mijn weg tussen de vele dozen die er stonden vinden. Na al die jaren, dat ik geen licht meer had gezien, want ik weigerde steevast om een kaars of een lamp aan te steken, hadden mijn ogen zich volledig aangepast aan het duister.
Ik ging naar buiten en liet de koele zomerlucht me tegemoet komen. Ik hield van de zomer, ondanks dat het dan minder lang donker was dan in de winter.
Doelloos wandelde ik door de straten van de stad waar ik al zo lang in vertoefde. Tenminste, voor de vele feestgangers leek het alsof ik doelloos rondwandelde. Eigenlijk keurde ik ieder van hen in één oogopslag, op zoek naar het gepaste slachtoffer. De honger had me halverwege de namiddag al uit mijn slaap gehaald. Lang zou ik het niet meer uithouden, als ik niet snel at, maar ik kon ook niet zomaar iemand aanvallen. Door de honger waren mijn krachten ver te zoeken, ik moest dus iemand zoeken die niet te sterk was. Maar zo te zien was iedereen hier nog op en top fit, klaar voor een avondje stevig fuiven.
Ik zag nog maar één uitweg om aan eten te geraken, dus verliet ik de stad en wandelde naar het bos, enkele kilometers verderop. Gelukkig smaakte een portie hertenbloed me ook altijd. En ze waren aangenamere prooien als mensen. Mensen schreeuwden altijd zo hard als ik beet. Daar kon ik niet tegen. In stilte kunnen genieten van het bloed dat ik dronk, was wat ik nodig had. Al dat geschreeuw deed me meer en meer een afkeer krijgen van mensen. Ik deed hen niets, dronk enkel een klein beetje van hun bloed en daarbovenop schonk ik ze het eeuwige leven. En dan waren ze me niet eens dankbaar.
Nee, in dat opzicht dronk ik veel liever van herten. Ze waren iets moeilijker te vangen, maar in ruil daarvoor klaagden ze niet en dartelden ze na mijn vertrek nog even vrolijk rond als voorheen.
Deze nacht had ik veel geluk. Ik was nog maar net het bos ingewandeld of ik zag in de verte een hert op de grond liggen. Ik hoorde het dier tot hier ademhalen, zachtjes. Voor mij was het duidelijk dat het beest rustig lag te slapen, wat het voor mij deze keer heel makkelijk maakte om het dier te vangen.
Ik wandelde er rustig naar toe, nauwkeurig op mijn passen lettend, zodat ik niet op een takje of dergelijke ging staan, waardoor het hert zou kunnen wakker schrikken.
Ik zette voorzichtig mijn tanden in het dier, zodat het ook daar niet wakker van zou worden. Hij zou niet eens weten dat er die nacht iets gebeurd was.
Ik slokte gulzig het bloed naar binnen, voelde meteen mijn krachten weer aansterken, waarna ik het hert alleen achterliet, en op weg ging terug naar mijn huis.
Ik was amper halverwege mijn weg terug, toen ik opeens werd opgeschrikt door een brandende pijn. Ik richtte mijn blik naar het oosten en zag hoe de eerste zonnestralen zich over het land wierpen. In paniek zette ik het op een lopen, op zoek naar een schuilplaats, maar hier in de open velden, was er niets om te schuilen. Niets dan gras. Ik besefte dat ik nooit op tijd weg zou geraken uit de zonnestralen en, ondanks de angst die ik voelde, aanvaardde ik mijn lot. Ik stopte met rennen, ging met mijn gezicht naar het oosten staan en omarmde mijn vijand. De pijn werd steeds ondraaglijker, toch hield ik mijn lippen stijf op elkaar gedrukt, vastberaden om niet te schreeuwen zoals mensen dat deden.
Terwijl het zwart werd voor mijn ogen, viel ik neer op het zachte, met dauw bedekte gras. En ondanks de pijn, het eindeloze lijden, was ik toch dankbaar, dat ik toch voor één keer, die rood-paarse lucht, die ik talloze keren in boeken was tegengekomen, zelf had kunnen zien.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://harrypotter.forum2go.nl
Anadria
Ravenklauw, lerares Waarzeggerij
avatar

Aantal berichten : 67
Registratiedatum : 22-01-09
Leeftijd : 27
Woonplaats : Count Dracula's Castle

BerichtOnderwerp: Re: Anadria's One-shots   do mei 21, 2009 12:57 am

Weerwolf

Al jaren aan een stuk onderga ik iedere maand dezelfde marteling. Iedere maand weer vecht ik tegen mezelf. En iedere maand weer verlies ik dat gevecht. Als ik ooit sterf ga ik niet naar de hel. Ik ben er al. Al dertien jaar lang leef ik in de hel, met als enige pluspunt dat ik nog niet dood ben. Ik leef volgens één moment van de maand. Eén nacht op een hele maand tijd bepaalt mijn hele leven. Als het zover is, hoop ik altijd dat die nacht zo snel mogelijk voorbij gaat, terwijl de resterende zevenentwintig dagen zo lang mogen duren als ze willen. Hoe ironisch dat die nacht altijd een eeuwigheid lijkt te duren en de rest van de maand voorbij vliegt.
Ook nu weer wacht ik af tot het gevecht tegen mezelf weer zal beginnen. Het zal niet lang meer op zich laten wachten, de zon is net ondergegaan. Ik weet dat het komt, maar toch zeg ik steeds weer tegen mezelf: ‘Het zal niet gebeuren. Het zal niet gebeuren.’ Een illusie, maar de hoop alleen al doet wonderen.
Een pijnscheut schiet door mijn lichaam. Vlug kijk ik uit het raam en zie de volle maan aan de hemel staan. Ik verlaat de kamer en ga buiten staan. Mijn kleren heb ik tijden geleden al uitgedaan. Vroeger hield ik ze aan en bleef ik gewoon binnen, maar ik was het beu om iedere keer alles weer te moeten opruimen.
Nog een pijnscheut trekt door mijn lichaam. Ik probeer het te negeren en blijf tegen mezelf praten. Ik blijf herhalen dat ik ertegen kan vechten, dat ik deze maand niet zal veranderen. Bij iedere pijnscheut ga ik harder en harder praten.
Ik voel hoe de haren op mijn hoofd, zich gedeeltelijk terugtrekken, terwijl over de rest van mijn lichaam haren beginnen te groeien. Mijn oren verplaatsen zich naar boven en worden puntiger. Ik hoor steeds beter, steeds scherper. Mijn mond en neus worden groter en scherper. Het doet pijn, onmenselijk veel pijn.
Ik probeer bij mijn gedachten te blijven, want in mijn hoofd is, zoals iedere maand, het gevecht tussen mens en wolf weer aan de gang. Steeds gruwelijkere gedachten gaan door mijn hoofd. Ik wil bloed zien, anderen pijn zien lijden. ‘Nee,’ gil ik. Ik wil horen schreeuwen, dood en verderf zaaien. Ik blijf tegen de gedachten vechten. Tot…
Vrijheid! Ik zet het op een lopen, voel hoe bij elke stap ik een beetje terugveer door de kussentjes onder mijn poten. Ik blijf lopen, totdat een aangename geur mijn neus binnendringt. Mensenvlees!
Ik loop verder in de richting van de geur. In de verte zie ik twee gedaanten. De ene is veel kleiner dan de andere. Onmiskenbaar een moeder met haar kind, hand in hand. Ik stop even om hen wat voorsprong te geven, anders haal ik ze te snel in.
Ik zet het weer op een rennen. Ondanks de voorsprong die ik hen gegund heb, heb ik de moeder en het kind in een mum van tijd weer ingehaald. Ik kan hun bloed weliswaar al ruiken. Het duurt even voor de moeder doorheeft dat er iemand.. iets achter haar loopt. Ik ben al vlakbij als ze zich omdraait. Ze gilt, waardoor haar kind ook in paniek slaat. Hun angst doet mij plezier. Ik open mijn muil, kwijl druipt op de grond, en sluit hem weer rond de arm van het kind. De moeder doet haar uiterste best om haar kind niet los te laten, maar ze is niet opgewassen tegen mijn kracht en het handje van haar kind glijdt weg uit de hare. Het kind valt, maar ik loop gewoon verder, haar over de grond meesleurend. Weg van de moeder wiens geschreeuw ik mijlen verder nog hoor. Het kind huilt, schreeuwt, net als haar moeder.

Ik open mijn ogen. Ik lig ergens, tussen de bomen, op een plaats die ik zo meteen niet herken. Ik ben stijf over heel mijn lichaam. Ik sta op en besef dat ik ergens midden in een bos sta, zo lijkt het toch. Ik vraag me af wat ik hier doe en pas dan besef ik dat ik geen kleren aan heb. Ik zie bloed op mijn handen en opeens dringt het tot me door. In een flits zie ik in mijn gedachten een moeder met haar kind wandelen. Ik besef wat ik heb gedaan en val huilend op mijn knieën neer. Ik weet dat ik het gevecht weer verloren heb… alweer! Diep vanbinnen weet ik dat ik het nooit zal winnen. Ik weet dat ik dat ene gevecht nooit zal winnen. En toch… toch hoop ik iedere maand, nee… iedere dag weer, dat het me ooit wel zal lukken.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://harrypotter.forum2go.nl
Anadria
Ravenklauw, lerares Waarzeggerij
avatar

Aantal berichten : 67
Registratiedatum : 22-01-09
Leeftijd : 27
Woonplaats : Count Dracula's Castle

BerichtOnderwerp: Re: Anadria's One-shots   do mei 21, 2009 12:58 am

Vampire

From a dark alley, the sun beams not able to reach me, I watched how the sun disappeared behind the horizon. Silent tears flooded down my cheeks. I wished that this moment could be frozen, so it would last forever. I tried to take up the beauty of the orange sun, the red and purple coloured clouds, so I would never ever forget it. While I watched the sun go down, I wondered why moments you wished to last forever, always passed too fast. While things you wanted to pass quickly, always seemed to last forever.
I felt how someone wrapped his arm around my waist. I knew who it was, without having to look. “I thought you would be here,” he murmured in my ear. I couldn’t answer. Not only because I didn’t know what to say, but also because I knew the words would stuck in my throat. I turned my head to face him, to show that I had heard what he’d said. He smiled comfortingly. I turned my head again, because I didn’t want to miss a second of the very last sunset I could see. Half of the sun had disappeared behind the horizon already. Soon it would be entirely gone.
“I’ve seldom seen such a beautiful sunset,” he whispered.
“Yes, I answered, but it sounded more as a sigh. He was right, it was amazingly beautiful. But that made it just the harder to say goodbye to this beautiful piece of nature. He had lived through this moment years and years ago. He didn’t feel the same as I did right now, but I knew that he once had.
“I missed out on my last sunset,” he said. “It was a rainy day. The sun didn’t show.”
“That must have been awful,” I said.
He shook his head. “It was better. It made it easier to know I wasn’t going to see this anymore.”
“But you do now.”
He nodded again. “And I’m grateful for that.”
“So lets enjoy the last moments of our last sunset now.” I emphasized the ‘our’. Only the top of the sun was still visible. I wrapped my arm around his waist too. I was glad he was here, with me. He probably didn’t realize how much it comforted me, but I had stopped crying the moment he had appeared. The tears started running down my face now though. The sun, which I loved so much, had disappeared entirely now and a huge hole appeared in my chest. For the sun would never cast its light upon me anymore. Neither would I behold the sun again, for I had become a creature of the night. I stared towards the place where the sun had disappeared for a couple of minutes, until he spoke.
“So, this is it,” he sighed.
I nodded, still crying. “This is it,” I repeated, sobbing.
His hand brushed away the tears running down my cheeks. “You’re not alone,” he said. “I’m with you.”
“I know.” I laid my head against his strong chest, and he wrapped his arms around me. He pressed his lips on my hair, softly, gently, but strong enough for me to feel it.
We stood there like that for an immeasurable moment of time, until he let go off me. “Let’s go,” he said, while taking my hand in his.
We started walking through the alley. Soon he let go off my hand, and wrapped his around my waist again. I looked back to the spot where I had last seen the sun. One single tear fell down to the earth. I could hear it, when it fell to the ground.
I looked back once more, imagining the sun still being there, where I had seen it last. But that lay behind me now. It was time to look at what was still to come. So I turned my head to face what was lying in front of me, knowing that my days as a human where over. And that my days as a vampire had now begun.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://harrypotter.forum2go.nl
Gast
Gast



BerichtOnderwerp: Re: Anadria's One-shots   do mei 21, 2009 1:04 am

i absolutely love them! xD
(ik krijg het gevoel dat ik dat al vaak gezegd heb)
maar ze zijn dan ook zo geweldig! Very Happy
Terug naar boven Go down
Anadria
Ravenklauw, lerares Waarzeggerij
avatar

Aantal berichten : 67
Registratiedatum : 22-01-09
Leeftijd : 27
Woonplaats : Count Dracula's Castle

BerichtOnderwerp: Re: Anadria's One-shots   do mei 21, 2009 1:07 am

Ik heb het gevoel dat dat de derde keer is ofzo dat ik dat van je lees ^^
maar nog steeds heel erg bedankt Embarassed
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://harrypotter.forum2go.nl
Gast
Gast



BerichtOnderwerp: Re: Anadria's One-shots   do mei 21, 2009 1:12 am

geen enkel probleem want het is écht zo! Very Happy
Terug naar boven Go down
Gesponsorde inhoud




BerichtOnderwerp: Re: Anadria's One-shots   

Terug naar boven Go down
 
Anadria's One-shots
Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
 :: Ontspanning :: Knutselhoekje-
Ga naar: